Hoe verwissel je een autoband?

Je rijdt op een afgelegen weg en je krijgt opeens een klapband. Je hoopt het nooit mee te maken, maar het kan gebeuren. Ben je graag voorbereid op dit soort situaties? Dan wil je natuurlijk weten wat je moet doen om op een veilige manier je weg te kunnen vervolgen.

Geen reserveband

Allereerst: de meeste auto’s hebben tegenwoordig geen reserveband meer. Deze auto’s hebben vaak een reparatiekit of runflats. In de reparatiekit zit een vloeistof die je in het wiel kan spuiten om de band op spanning te brengen en het gat te dichten. Gebruik je dit dan moet je de band altijd laten vervangen en kan deze niet meer gerepareerd worden.

Heb je runflat banden, dan kun je met maximaal 80 km/uur doorrijden. De banden zijn namelijk dikker. Je krijgt een waarschuwing in het display van je auto te zien. Zo weet je dat je je snelheid moet aanpassen en je band moet laten repareren.

Heb je wel een reservewiel dan kun je zelf je band verwisselen. Hieronder nemen we de stappen door hoe je dit kunt doen en vertellen we welk gereedschap je daarbij nodig hebt.

vervang band

Een veilige locatie
Sta je op een veilige plek? Zorg dat je je auto naar een veilige plek rijdt. Is dit gelukt, dan is het verstandig om een veiligheidshesje aan te trekken, in het buitenland is het soms verplicht om zo’n hesje te dragen. Heb je een lekke band op de snelweg, rijd als het kan door naar de eerstvolgende afslag of naar een pechhaven. Lukt dit niet, breng jezelf in veiligheid achter de vangrail en bel de pechdienst.

Wil je een band verwisselen, dan is het in ieder geval belangrijk dat de ondergrond egaal en verhard is. Je wilt niet dat er rolgevaar is. Vergeet niet de auto op de handrem te zetten, de auto in een versnelling te zetten (of P-stand bij een automaat) en de alarmlichten in te schakelen.

Als je de auto stilzet is het aan te raden om voor de zichtbaarheid ook een gevarendriehoek neer te zetten. Zet deze op 30 a 50 meter afstand van de auto in de richting van het aankomend verkeer.

Wat heb je nodig?
Om een autoband te verwisselen heb je het volgende gereedschap nodig:

  • Krik
  • Kruissleutel
  • Reserveband
  • Schroevendraaier

Heb je velgen met diefstalbeveiliging? Dan heb je de slotbout nodig om de moer los te draaien.

Verwijder de wieldop

Bij de meeste auto’s zit er over de stalen velg van de band een wieldop. Bekijk eerst dus goed of dit het geval is. Deze kan je verwijderen door hem er langzaam af te wippen met een schroevendraaier. Als het geen stalen velg is kan je die stap overslaan. Zorg er ook voor dat je de wielmoeren waarmee de band vastzit alvast wat losdraait als de band nog op de grond staat. Dit is om te voorkomen dat het wiel meebeweegt. Verwijder de moeren nog niet helemaal. Haal alvast het reservewiel uit de auto voordat je verder gaat, dan hoef je dit meer te doen als de auto al op de krik staat.

De auto omhoog krikken

Nu is het tijd om de krik erbij te pakken. Zorg ervoor dat deze op een stevige ondergrond staat. Als dit niet zo is kan de auto vallen tijdens het wisselen en ben je nog verder van huis. Plaats de krik bij het krikpunt dat het dichtst bij het te vervangen wiel zit. Vaak zo’n 20 cm van het wiel af. Sla het instructieboekje van de auto hierop na voor meer informatie. Krik nu de auto op tot het wiel met de lekke band van de grond vrijkomt. Draai de moeren nu helemaal uit het wiel zodat je de band kan verwijderen.

Plaats het reservewiel

Je kan nu het nieuwe wiel plaatsen en de moeren er weer op draaien. Plaats de moeren eerst met de hand voordat je met de kruissleutel verder draait. Voel aan de achterkant of de band volledig aansluit. Wanneer dit het geval is, kan je de rest met de kruissleutel doen. Let op dat je de eerste bout niet te hard aandraait, want dan zijn de anderen moeilijker aan te draaien en kan het wiel scheef komen te hangen. Dus draai ze om de beurt, één voor één strakker. Voor het stevig aandraaien is het handiger om eerst de auto weer op de grond te zetten. Controleer of de moeren stevig vast zitten en je kan weer verder rijden.

Balanceren en uitlijnen

Na het vervangen is het mogelijk dat de banden niet meer juist uitgebalanceerd of uitgelijnd zijn. Dit is te merken aan extra trillingen tijdens het rijden of dat er bijgestuurd moet worden wanneer je rechtdoor wilt rijden. Dit is niet alleen vervelend voor de rijervaring maar zorgt ook voor onregelmatige slijtage en extra brandstof verbruik. Heb je hier last van na het vervangen, rij dan langs Bandenservice van den Heuvel om dit recht te zetten.